Pronkjuweel

Vereniging voor aquaria en meer

Het Peter Bus archief

 

Vissennieuws

Plantenvaria

Overige

Het Peter Bus archief

Deze 160 artikelen mogen gebruikt worden, mits “Peter Bus, AV Pronkjuweel” vermeld wordt.

Vissennieuws - Corydoras paleatus

Peter Bus, AV Pronkjuweel

De Corydoras paleatus is afkomstig uit Rio de la Plata in Brazilië. Deze vis is in 1880 voor het eerst naar Europa geïmporteerd. De lengte is 7,5 cm. De grondkleur is grijsgroen tot olijfgroen glanzend naar de rug toe donkerder tot blauwzwart, de buik is vuilwit over de flanken en op de rug zien we een groot aantal onregelmatige vlekjes en strepen die donkerblauw van kleur zijn. Ook vinden we deze vlektekening in de vinnen.

Corydoras paleatus

Het geslachtsonderscheid is niet eenvoudig waar te nemen. De mannetjes blijven kleiner en slanker dan de vrouwtjes terwijl hun borstvinnen niet toegepitst zijn.

Elk aquarium dat niet te klein is, is geschikt voor deze vissen. De temperatuur houden we op ongeveer 24 graden Celcius. Ze zijn niet gevoelig voor hoge of dalende temperaturen tot 17 graden Celcius. Ze kunnen zelfs temperaturen van om en nabij het vriespunt doorstaan zonder daarbij enig nadeel te ondervinden. Het spreekt natuurlijk vanzelf, dat we hier niet mee gaan experimenteren. Het toont duidelijk aan hoe goed deze pantsermeervallen tegen verschillende omstandigheden gepansterd zijn. Voor hoge temperaturen zijn ze evenmin bang. Krijgen ze het te warm, dan wordt dit verraden door het opvallend inschakelen van de darmademhaling. Ze "schieten" dan herhaaldelijk naar het wateroppervlak voor een hap lucht.

Ook deze Corydoras is een alleseter. Ze eten zowel droogvoer als tubifex. Wanneer ze een beetje aan hun omgeving gewend zijn, dan scharrelen ze de bodem van het aquarium af op zoek naar iets eetbaars. In de grond gekropen tubifex en muggelarven weten ze handig op te sporen en onschadelijk te maken. Dat ze uiterst vreedzaam zijn moge blijken dat ze letterlijk de kaas van het brood laten eten. Bij hun opgravingen hebben ze meestal belangstellende toeschouwers, die zodra de buit opgedolven is, zich dikwijls hiervan meester maken. Onverstoorbaar en zonder wraakgevoelens beginnen de Corydoras dan opnieuw te graven.

Nu iets over de kweek
Voor de kweek nemen we een aquarium van 60 x 30 x 30 centimeter dat we gaan beplanten met Amazone zwaardplanten, Cryptocorynen en Vaantjesplanten als achtergondbeplanting. Op de voorgrond Echynodorus tenellus, Cryptocoryne nekellii en Sterrekruit die we laag houden. Als bodemgrond nemen we gewoon zand. De temperatuur brengen we op 28 graden Celcius. De pH brengen we op 8.
Pansermeervallen hebben belaalde paaitijden en de beste resultaten verkrijgen we dan ook gedurende de maanden november tot en met maart. Het is dan ook noodzakelijk tijdens de kweek te voeren en te filteren. De kweek is niet zo moeilijk als bij andere Corydorassoorten. We kunnen dan ook met 1 man en 1 vrouwtje aan de kweek gaan, mits men weet dat dit stel bij elkaar hoort. Dit is iets dat we natuurlijk in ons gezelschapsaquarium eerst kunnen observeren.

De eieren worden door het vrouwtje overal gedeponeerd. We vinden ze dan ook zowel in de planten als op het glas. De eitjes kunen we met het blote oog zeer duidelijk zien, daar ze zeer groot en een beetje witachtig bij de afzetting zijn. Het bevruchte ei lijkt na één dag nog leeg en iets ondoorzichtig. Na verloop van tijd wordt het donkerder en na ongeveer 6 à 8 dagen is het ei plotseling verdwenen, want dan is het uitgekomen.

De jongen zijn iets kleiner dan een pasgeboren Gup en nogal donker van kleur, met een grote eierzak. Ze kunen na het uitkomen haast niet zwemmen, zodat ze erg veel moeite hebben om hun zwemblaas te vullen. Dit duurt ongeveer 8 uur. Als het vullen van de zwemblaas binnen dit tijdsbestek lukt, zijn ze levensvatbaar en kunnen we met voeren beginnen. De eerste dagen geven we ze direct Artemia en micro-aaltjes. Later, na ongeveer drie weken, kunnen ze reeds gezeefde watervlooien, fijn gehakte tubifex en enchytreeën tot zich nemen.